Inclusiviteitsprogramma’s vergroten juist de verschillen!

„Er raast een inclusiviteitspsychose en diversiteitsdwang door het Westen. Een gekte tot schade van allen. Nederlandse universiteiten, onderwijs, cultuur en bedrijfsleven krijgen met identiteitspolitiek te maken…”.

Ik kan er niet meer dan helemaal eens zijn met deze uitspraak van socioloog en econoom Frits Bosch (‘Strijd om gelijke kansen bron van discriminatie’, Telegraaf van 9 september 2020).

Dit zei hij ook: “…de notie dat men meer diversiteit verkrijgt door te differentiëren tussen identitaire groepen, is vals. Er is immers veel meer diversiteit te verkrijgen door te differentiëren op de grote verschillen per individu in talent, karakter, belangstelling, opleiding en ambitie”, einde citaat.

Ik heb nooit kunnen begrijpen dat quota’s (b.v. aantal vrouwen in raden van bestuur, ‘de Tweede Kamer samenstelling moet een reflectie zijn van de samenleving(!?)’) zullen werken bij het bevorderen van inclusiviteit in organisaties, simpelweg omdat je seksuele oriëntatie niks te maken heeft met je geschiktheid voor een baan.

Immers, je competenties en je persoonlijke karakter staan altijd op de eerste plaats voor het vervullen van een baan?!

Het lezen van dat interview bracht een bespottelijk megalomane diversiviteitsprogramma van een multinational in herinnering. Enkele maanden geleden was ik aan het ‘rondstruinen’ op de website van Dow Corporate (mijn ex-werkgever, Dow.com) en was meteen gegrepen door de omvang van hun diversiviteitsnetwerken.

Ik zet ze hier even op een rij, de namen van de verschillende netwerken spreken voor zich:

Women’s Inclusion Network, Global African Affinity Network, Asian Diversity Network, GLAD (LGBTQ+), Hispanic Latin Network, Disability Employee Network, Middle East│North Africa Intercultural Network, Veterans Network, PR!ME (erkenning van oudere werknemers, mijn vertaling van politiek correcte “mature workers”), RISE (integratie van nieuwe medewerkers) …

En dat allemaal op wereldschaal, dus er zijn heel veel mensen/contactpersonen op elke vestiging die zich bezighouden met het herkennen van benadeelde collega’s en om die op een sokkel te helpen ongeacht hun karakter eigenschappen en competenties…

Weer teveel nadruk op politieke correct imago

De omvang van al die wereldwijde netwerken is een uiting van bandeloze creativiteit van een duur betaalde kamergeleerde die alle vrijheid heeft gekregen om dit te mogen uitrollen.

Wel erg overdreven en politiek correct allemaal en ook ver weg van de dagelijkse realiteit. Want we weten dat je voor het bekleden van een functie alleen je talenten, opleiding, ervaring en karakter eigenschappen bepalend zijn, maar niet je etnische of geografische afkomst, je seksuele gerichtheid of de kleur van je huid!  

Het is onvoorstelbaar oppervlakkig en gericht op de verwachtingen van de buitenwereld en het brengen van een glossy politiek correct imago.

Maar ik vrees dat het helemaal niks zal toevoegen aan de dagelijkse praktijk, omdat daar uiteindelijk, zoals hierboven geschreven, geselecteerd wordt op geschiktheid voor een baan ongeacht je afkomst, seksuele gerichtheid of etnische achtergrond.

Volgens Frits Bosch verergert al die aparte netwerken juist de discriminatie, je plakt immers op (bijna) iedereen een label dat ze slachtoffers zijn die een handje geholpen moeten worden.

Ik kom even terug op (bijna) hierboven, omdat ik in die inclusiviteitsaanpak van Dow – als voorbeeld – ook een heel grote inconsequentie zie. Impliciet geef je met die lijst van netwerken ook de boodschap mee dat alle andere mensen die niet gesorteerd kunnen worden naar één van die netwerken superieur zijn – dus geen extra handje nodig hebben in de vorm van een ‘global network’ – óf niet bestaan!

Dat zijn er velen, zoals b.v. Europeaan, Australiër, Amerikaan, Canadees, Indiaan, etc.

De kamergeleerde die dat programma bedacht heeft heeft hier dus een denkfout gemaakt! Dikke onvoldoende voor dat werk!

De uitweg voor slachtoffer cultuur

Ik vind zeker dat je mensen op welk gebied dan ook niet mag discrimeneren. En ik vind ook dat je mensen niet als slachtoffers hoeft te labelen. Mensen die weigeren om zich in de slachtofferschap rol te laten drukken kennen hun ambities, ze staan op en weten een uitweg te vinden bij uitdagingen in hun leven.

Mensen die zich wentelen in slachtoffer gedrag (of zodanig gelabeld door ‘hulpverleners’) moeten geholpen worden om zich bewust te maken van hun afhankelijk gedrag en voor het kweken van een positief gevoel van eigenwaarde.

Zelfvoorzienend worden in het bepalen van wat je wilt in je leven zonder afhankelijk te zijn van anderen.

Ik heb eerder in een blog (Anti-discriminatiecampagnes zijn zinloos, 7 juni 2020) gesuggereerd dat onderwijs in de aspecten van menselijk gedrag belangrijke bijdrage kan leveren aan het opkrikken van het zelfvertrouwen van individuen en zodoende mensen bewust te maken van het slachtofferschap gedrag die je niet vooruit helpen in het leven.

Het voordeel van het werken aan betere bewustwording heeft natuurlijk meer voordelen op een breder vlak voor de samenleving. Het zal ook dat eindeloze geweld op straat verminderen omdat mensen gewoon slimmer en volwassener denken. Dit is effectiever dan die zinloze glossy schijnprogramma’s en quota’s die ik voorbij zie komen…

Zou de bedenker van al die diversiviteitsnetwerken bij Dow toch (onbewust?) gedacht hebben dat een Europeaan, Australiër, Amerikaan, Canadees, Indiaan, etc. volwassen genoeg is om zich niet in de slachtoffer rol te laten drukken en dus daarvoor geen aparte ‘global network’ nodig heeft?

Laat je niet in de slachtoffer rol drukken! Ongeacht je persoonlijke kenmerken!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *